Techniek en de seksscène (en meer)

Onlangs zapte een niets vermoedende kijker naar het HBO-kanaal. Daar was een aflevering bezig van de langlopende serie Strike Back. Twee van de hoofdpersonen hadden inmiddels de kleren uitgetrokken voor een vrijpartij. En toen verschenen deze ondertitels:strikebackOT

En die werden nog gevolgd door deze drie:

                En ik ken dit model niet goed.

                Hoelang heb je nog nodig?

                Hooguit 48 uur. Niet meer, dat beloof ik.

Was de thrillerserie veranderd in een comedy? Of waren de scriptschrijvers op de toer gegaan van de veel geprezen Zweedse serie Äkta människor (Real Humans), waarin een centrale rol is weggelegd voor zogenaamde hubots, robots met een zeer menselijk uiterlijk? Niets van dit alles, want soms werd er niet eens gesproken, terwijl er wel een vertaling in beeld verscheen.

Vermoedelijk is het een combinatie geweest van techniek en een menselijke fout en is er een verkeerd ondertitelbestand bij deze episode gevoegd, waardoor deze koddige koppeling van beeld en tekst is ontstaan. Helaas is het niet meer terug te zien omdat HBO de fout inmiddels heeft hersteld, meldt ondertitelaarster Erica Magielse die deze onbedoelde humor ook zelf had zien langskomen.

Dit soort fouten komen niet zo heel vaak meer voor omdat omroepen ze proberen te voorkomen door elk ondertitelbestand een uniek numeriek ID te geven, het storynummer, en het bestand te voorzien van een zogenaamde nultitel. Die nultitel staat aan het begin van het bestand en bevat behalve dat storynummer nog meer informatie, zoals onder andere de titel van een serie of film, het episodenummer en een eventuele episodetitel, de naam van de vertaler, plus de zogenaamde configuratie, informatie over de beeldschermverhoudingen waarin het materiaal wordt uitgezonden, en soms ook nog de uitzenddatum.

Als het goed is, komt die nultitel nooit in beeld. Het uit te zenden materiaal krijgt meestal een fictief beginpunt. Veel gebruikte startpunten zijn twee minuten, één uur en tien uur. Bij de timing van de ondertiteling houdt de ondertitelaar daar ook rekening mee. Als het goed is krijgt de nultitel tijdcodes, een zogenaamde intijd en uittijd, die voor dat fictieve startpunt liggen waardoor hij automatisch buiten de uitzending blijft.

Maar het toekennen en invoeren van het storynummer is grotendeels mensenwerk en ook al wordt dat vaak dubbeldubbelgecheckt, een enkele keer gaat het nog mis.

Nog zeldzamer is een ander technisch euvel. Zo kwam op een sportzender ooit een bootrace voorbij die was ondertiteld met hele reeksen vraagtekens. ‘McDowell avoids a collision and surprisingly takes the lead’, zei de commentator en dan stond er ??? ????? ?? ??????? ????, waar vermoedelijk ‘Hij neemt de leiding over’ had moeten staan.
Dit is waarschijnlijk een softwareprobleempje dat is ontstaan door het converteren van de ene bestandssoort naar de andere. Er zijn misschien nog wel meer soorten ondertitelbestanden dan tekstbestanden en bij conversie wil er dan toch wel eens iets misgaan. Vaak is er niets aan de hand, soms gebeurt er iets vreemds met diacritische tekens en wordt hè bijvoorbeeld zomaar hé, en een enkele keer gebeurt er zoiets curieus als met de vraagtekens.

In het pre-digitale tijdperk kon het pas echt goed fout gaan. Tegenwoordig zijn er computerprogramma’s om de ondertitels in beeld te laten verschijnen. De automatisering heeft minstens één beroepsgroep de das om gedaan. Tot ver in de jaren tachtig bestond er zoiets als een titelregisseur.
Elke titel stond op een aparte kaart. De titelregisseur had die kaarten in volgorde in een bak staan en met behulp van een ingenieus roteerapparaat zorgde hij er met de hand voor dat de titels in beeld werden geprojecteerd. Een uiterst secuur en zenuwslopend werkje, vooral als het om speelfilms met veel dialogen ging zoals bijvoorbeeld de meeste films van Woody Allen. Dan konden er in anderhalf uur wel zo’n 1200 titels in beeld gebracht worden.

In Hilversum doet nog altijd het verhaal de ronde van de titelregisseur en de Japanse film. Bij bekende Europese talen kon een titelregisseur aan de hand van het gesprokene altijd nagaan of hij nog in de pas liep met de ondertitels. Bij exotischer talen moest hij echter blind varen op de volgorde van de kaarten in zijn bak. Toen de VPRO op een avond een Japanse speelfilm ging uitzenden, liet de dienstdoende titelregisseur drie minuten voor aanvang de bak met kaarten uit zijn handen vallen. Ze lagen kriskras over de vloer. Tijd om ze weer te sorteren was er niet meer. Hij stopte ze blind in de bak en heeft ze in die volgorde in beeld gebracht. Bij de allerlaatste uitspraak was hij echter al door zijn titels heen. Er heeft nooit een haan naar gekraaid. Heel VPRO-kijkend Nederland heeft die avond naar absurde dialogen zitten kijken en gedacht dat het zo hoorde.typmyp

Wie meer wil weten over hoe het er vroeger aan toeging, kan met enige moeite nog een artikel uit het Leidsch Dagblad van 5 mei 1966 lezen met de kop ‘Ondertiteling: veel kritiek op klein percentage fouten’. Wat dat betreft is er niet veel veranderd. Maar dames die titelkaarten typen zoals op de foto, dat is een schouwspel dat voorgoed verleden tijd is.

De lijst met mogelijke technische problemen is langer. Meer daarover in de toekomst als het lemma ‘recut/rerun’ verschijnt.


Sommige fragmenten uit het voorafgaande komen uit een oudere. algemene inleiding op ondertiteling.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s